Part 13 of 12 in series "Het Goede Leven & de Vrije Markt"

De zin als fundamentele dimensie van het leven

Net zoals de vorige vier hoofstukken, begint ook het laatste hoofdstuk van Het Goede Leven & de Vrije Markt met een filmbespreking, en wel van The Last Samurai (2003). De menselijke zoektocht naar zin en betekenis, stellen de auteurs, zien we terug in het verhaal van de hoofdpersoon en is onlosmakelijk verbonden met de notie van het goede leven. In de kern gaat het over wat de plaats van jou als mens is in het grotere geheel van de samenleving, wereld of zelfs de cosmos. Het menselijk verlangen naar zin en betekenis krijgt, constateren de auteurs, maar weinig aandacht in de moderne academische filosofie. Maar in dit boek mag het niet als onderwerp ontbreken. Hieronder de trailer en een analyse van de themathiek van de film. 

Verschillende ervaringen van zin

Hoewel de tweede sectie van het hoofdstuk als titel ‘verschillende ervaringen van zin’ heeft, proberen de auteurs toch te formuleren wat de zinvragen en -antwoorden van mensen en culturen door de tijd heen gemeen hebben. De zinervaring, stellen ze, heeft “zowel een aspect van verlangen naar geborgenheid en bescherming” als een “verlangen naar uitdaging en richting” (p.294). Hieronder een poging van de School of Life om grip te krijgen op de betekenisvraag, plus een filmpje over hoe psychiater en Holocaust overlever Viktor Frankl (1905-1997) er tegenaan keek.

Zin en zijn in de filosofische traditie

In het denken van filosofen over zin en betekenis kwamen in de loop der eeuwen, zeggen ze, een aantal invalshoeken steeds terug:

  1. de vraag naar de aard van de werkelijheid waarin we leven” (p.297)
  2. het enigszins kunnen plaatsen van het onvolmaakte, het tragische en het ontspoorde” (p.298)

Denkers die hierbij ter illlustratie aangehaald worden zijn Plato (427-347 B.C.) en Aristoteles (384-322 B.C.). Hieronder twee filmpjes.

Ook Kant (1724-1804) komt in deze  sectie aan de orde, als een wendingspunt in de filosofie met betrekking tot het denken over metafysische vragen. Aan de ene kant stond hij afwijzend tegenover de metafysische traditie die voortgekomen was uit de Griekse filosofie, aan de andere kant “komt Kant juist heel sterk op voor een transcendente verankering van de moraal” (p.299). Terecht, lijken de auteurs te denken, want ze sluiten de sectie al volgt af (p.300):

“De mens is zogezegd van nature een metafysisch wezen. Hij verhoudt zich tot zichzelf en anderen vanuit een verhouding tot het al. Zelfs waar mensen of de filosofie dit niet expliciet doen, speelt op de achtergrond toch impliciet een bepaald werkelijkheidsbeeld mee, in de levenshouding van mensen, in hun morele keuzes.”

Hieronder een korte introductie op de metafysica als een filosofische discipline.

Nietzsche en de ‘dood van god’

De volgende sectie gaat over “het verlies van een transcendente orde in de laat-moderne filosofie” (p.300), of zoals Friedrich Nietzsche (1844-1900) het stelde: God is dood. De observatie van Nietzsche was dat dit leidde tot een cultuur van nihilisme. De dood van God en nihilisme worden beiden aangestipt in onderstaande video van Wireless Philosophy over Nietzsche’s visie op het goede leven. Voor wie meer de diepte in wil: de de Academy of Ideas heeft een serie van meerdere filmpjes gemaakt over zowel de filosofie van Nietzsche als meer in het bijzonder (Nietzsche’s kijk op) het nihilisme. Hieronder ook de introductievideos van beide series.

De moderne tijd als kweekgrond van nieuwe zinsperspectieven

Velen hebben geprobeerd het gat dat de dood van God achterliet te vullen, zo beargumenteren de auteus in de volgende sectie. Een rode draad die in die pogingen te ontdekken viel, was het streven naar ‘de hemel op aarde’. Ook het werk van Marx is zo te interpreteren: “De filosofen hebben de wereld slechts op verschillende manieren geïnterpreteerd, waar het echt op aankomt is haar te veranderen!“, zo citeren ze Marx. “De filosofie“, zo stellen ze zelf, “wordt een utopie-fabriek” (p.306). Zo bezien komen het liberalisme en het marxisme voort uit dezelfde wortels – of liever gezegd, wortelloosheid.

In de post over hoofdstuk 1 stond al een filmpje met een interview met Hans Achterhuis, auteur van De Utopie van de Vrije Markt (2010). Hieronder een filmpje over de dystopie als tegenhanger van de utopie, en een filmpje met een moderne utopie van de School of Life. Is dit volgens jou ook het perfecte land om te wonen? En op welke manier zou dit gerealiseerd kunnen worden, danwel kunnen omslaan in een dystopia? Tenslotte nog een filmpje dat wat verder nadenkt over manieren waarop een betere wereld gerealiseerd kan worden.

De supernova van de zinervaring: Charles Taylor

In de volgende sectie van het hoodstuk staat de filosoof Charles Taylor (1931) centraal, en dan met name zijn boek A Secular Age (2007). In dit werk analyseert hij de opkomst van het authentieke individu in de moderne tijd, en de implicaties daarvan voor de vraag naar zin. Hij ziet het christendom als een wegverbreider voor het seculier humanisme dat daarop volgde. Hieronder een aantal korte interviewfragmenten met hem over dat mysterieuze fenomeen, het ‘zelf’.

Een anti-nietzscheaans nihilisme: Camus

Centraal in de volgende sectie staat het werk van journalist, filosofisch essayist en Nobelprijswinnaar voor de literatuur Albert Camus (1913-1960). De auteurs van het hoofdstuk vatten zijn werk samen als een poging om “de nihilistische consequenties van de absurditeit [van het leven] af te weren en tot een positieve beaming van het bestaan te komen” (p.317). Hieronder twee korte introducties op zijn werk, een door de School of Life, en een door de Academy of Ideas. Wat de tweede video heeft toe te voegen aan de eerste, is onder meer citaten uit het werk van Camus en zijn gedachten over communisme, nazicisme en fascisme als een antwoord op nihilisme.

Van postmoderniteit naar hypermoderniteit

Bijna bij het einde van het laatste hoofdstuk gekomen, reflecteren de auteurs op de vrije markt in het tijdperk van ‘hypermoderniteit’ (p.320) in nogal absolute en negatieve termen:

“Op de markt hoeft niemand naar iemand anders te luisteren maar kan iedereen strikt de eigen voorkeuren volgen, puur authentiek zijn. Geen grote, omvattende projecten om een ideale wereld te creëren, geen ‘Groot Verhaal’ meer, geen verplichtingen ook, alleen maar individuele rechte. Kortom: de markt is het postmoderne, postideologische, antiauthoritaire en democratische domein bij uitstek. Hier is het enkel de vrije willekeur van individuen wat de klok slaat: kopen is stemmen.”

De markt is, stellen de auteurs, bij uitstek de plek geworden waar het goede leven gerealiseerd zou moeten worden. Maar achter de schijn van individualisme gaat volgens hen ook weer een vorm van collectivering schuil, en wel in “ten minste drie manifestatievormen” (p.321):

  1. de belevings- en transformatie-economie (waarin zingeving en persoonlijke ontwikkeling via de markt gerealiseerd worden),
  2. de meritocratische prestatiemaatschappij en
  3. het technische project van de vervolmaking van de mens.

De belevings- en transformatie-economie

Hieronder een aantal reflecties op het eerste onderwerp, de belevenings- en zinsgevingseconomie. Hoewel het boek er overwegend negatief over is (“vluchtige consumptiecultuur“, p.324), of er in ieder geval kritische vragen bij stelt, zijn er op YouTube vooral filmpjes te vinden die er positief over zijn:

  1. De spreker in het eerste filmpje betoogt dat de transitie naar een belevingseconomie gesteund wordt door wetenschappelijk onderzoek over hoe je maximaal geluk uit je geld haalt (wellicht ook aardig om nog eens te kijken naar de video over de vraag of we te materialistisch zijn in de post over hoofdstuk 9 ).
  2. Het tweede filmpje is een praatje van consultant Joseph Pine, co-auteur van Authenticity; What Consumers Really Want (2007), over wat authenticiteit volgens hem is in de moderne beleveniseconomie. Grappig is dat hij specifiek het weerwoord noemt dat hij altijd van Nederlanders krijgt op de positie die hij inneemt – kennelijk zit er iets in onze volksaard dat zich verzet tegen de beleveniseconomie.
  3. De spreker in het derde praatje schetst verschillende manieren waarop bedrijven volgens hem kunnen bijdragen aan menselijk geluk en floreren. Het filmpje is gepubliceerd op het YouTube kanaal van FEE, de oudste libertarische vrije markt denktanken in de V.S.

De meritocratische prestatiemaatschappij

Hieronder twee kritische videos over het tweede onderwerp, de stelling dat we in een meritocratische maatschappij leven. De eerste video, van de School of Life, legt de nadruk op de rol van geluk en pech in het leven en de moeilijkheid van het beoordelen van de echte verdiensten van mensen. De tweede video beargumenteert dat arme en rijke kinderen in werkelijkheid geen gelijke kansen hebben, dus dat we helemaal niet in een meritocratie leven, en bespreekt wat we zouden moeten doen om het meritocratische ideaal daadwerkelijk te realiseren.

Wat betreft de derde sub-sectie over de technische vervolmaking van de mensheid: deze concentreert zich op de Duitse geschiedenisfilosoof en cultuurhistoricus Oswald Spengler (1880-1936), die in Nederland recent weer onder de aandacht kwam als een inspiratiebron voor Thierry Baudet. Het is jammer, maar ook verklaarbaar, dat er niet gekozen is voor meer moderne auteurs over technologie en de markteconomie, zie voor een voorbeeld de twee filmpjes in de post over hoofdstuk 5 en de Moral Markets boekenplank over dit onderwerp. Aan dit soort keuzes merk je dat het boek bedoeld is als eindexamenboek filosofie (dat bovendien een specifiek continentale invalshoek heeft). Het is niet geschreven vanuit de vraag welke stemmen in het hedendaagse debat over het kapitalisme het meest interessant zijn.

Martha Nussbaum en de kwetsbaardheid van het goede leven

De laatste sectie in het hoofdstuk bespreekt het werk van filosofe Martha Nussbaum. In (de post over) hoofdstuk 1 kwam haar ‘capability’ benadering van welzijn en rechtvaardigheid al aan de orde. In dit hoofdstuk gaat het over een ander onderwerp in haar werk, en meer specifiek haar boek The Fragility of Goodness (1986). In het laatste filmpje een gesprek met haar over dat boek.



Series "Het Goede Leven & de Vrije Markt":

Boek 'Het Goede Leven en de Vrije Markt'“Wat is het goede leven en brengt de vrije markt, als een kerndomein van de moderne samenleving, ons daar dichterbij of voert ze ons er juist vandaan? En, als de huidige vrije markt en het goede leven niet altijd samen opgaan, hoe kunnen we dan inzichten ontwikkelen die hen wel meer op één lijn brengen?” Dat zijn de centrale vragen in een boek van Ad Verbruddge, Govert Buijs en Jelle van Baardewijk, getiteld “Het Goede Leven & De Vrije Markt(2018). Een serie van blog posts rondom dit boek, met per hoofdstuk relevante filmpjes en links. Voor wie dit handiger vindt, is er ook een pagina met alleen de filmpjes uit alle posts .


Articles in this series:
  1. De Vraag naar het Goede Leven en de Vrije Markt (inleiding)
  2. De Vrije Markt & het Goede Leven in Meervoud: Vijf Dimensies (hfst.1)
  3. Plato en Aristoteles over het Goede Leven (hfst. 2)
  4. Het Goede Leven in het Christendom (hfst. 3)
  5. De Moderniteit als Project van Bevrijding (1): Het Autonome Individu (hfst. 4)
  6. De Moderniteit als Project van Bevrijding (2): De Beheersing van de Wereld (hfst.5)
  7. De Moderniteit & de Vrijemarkteconomie: Het Goede Leven op een Vulkanische Breuklijn (hfst. 6)
  8. Mens in Enkelvoud, Mens in Meervoud: Relaties (hfst. 7)
  9. De Januskop van Instituties (hfst. 8)
  10. Het Belichaamde Zelf en het Goede Leven (hfst.9)
  11. De Kwetsbaarheid en Overmacht van de Natuur (hfst. 10)
  12. Op Zoek naar een Zinvol Leven (hfst. 11)